Bezig met cursustraject
Les 1, Onderwerp 1
Bezig met cursustraject

Progressielijst

Je hebt vast wel eens gehoord van de uitspraak: meten is weten. En dat ga je ook in deze opdracht doen. Als je aan het einde terug kijkt naar wat je allemaal behaald hebt, dan is het noodzakelijk dat je jouw beginsituatie in kaart brengt. Dat doe je op 3 momenten: in het begin, het midden en aan het einde. 

We meten een aantal zaken nauwkeurig op en noteren deze. En daarna laten we het weer los. Ik adviseer mijn cliënten altijd om niet elke dag op de weegschaal te gaan staan. Dat kan erg demotiverend werken. Ik zal een voorbeeld hierbij geven dat ik vanuit mijn praktijkervaring heel vaak tegen kom.

Iemand weegt zich op dag 1 en dat is 71,3 kg. Een week later weegt ze zich zelf weer (70,9 kg). De week erna weegt ze weer en geeft de weegschaal 71,4 aan. De client is heel erg teleurgesteld in het resultaat, en nog meer teleurgesteld in zichzelf

Wat is hier nu aan de hand? 

Vaak gaan mensen extra sporten naast dat ze met voeding bezig zijn. 

Doordat er meer gesport wordt, en dan met name krachttraining, verandert je lichaamssamenstelling

Je krijgt relatief meer spieren en minder vet. Spieren wegen per kilogram zwaarder dan vet. Daardoor heeft deze persoon in dit voorbeeld wel vet verloren, maar weegt ze zwaarder op de weegschaal. Ze heeft meer spieren en minder vet gekregen. Maar dat zie je niet direct terug op de weegschaal. 

Dus wegen en meten is belangrijk, maar wel altijd in de context bekeken.